Terug naar De Stichting

Geachte Commissieleden

Wij hebben de behandeling van de Zorgverzekeringswet in de openbare zittingen van uw commissie met grote belangstelling gevolgd. Wij kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat bij veel van uw leden niet geheel duidelijk is hoe groot de nadelige gevolgen zijn van deze wet voor de geëmigreerde gepensioneerde Nederlanders. Als Vereniging van Nederlandse Gepensioneerden in Spanje (VNGS) willen wij u daarom graag onderstaand resumé geven waarin die nadelige gevolgen nog eens worden geschilderd.

Artikel 69 van de Zvw heeft ernstige negatieve gevolgen voor de ca. 100.000 oudere Nederlanders die na een werkzaam leven in Nederland van hun laatste jaren proberen te genieten in een aangenaam klimaat. Die Nederlanders worden nu verplicht zich te melden bij het CVZ en een door Nederland opgelegde bijdrage te betalen, ook in die gevallen waar Nederland niets aan het woonland hoeft te betalen, omdat de betreffende persoon geen gebruik maakt van zijn recht volgens EU verordening 1408/71. Die verordening dwingt daar ook niet toe. Het is een recht en géén plicht. 2004/38/EG stelt slechts als eis dat de gepensioneerde die zich vestigt in een ander EU land moet beschikken over een geldig identiteitsbewijs, een ziektekostenverzekering en over voldoende middelen van bestaan. Het woonland dient dit te controleren. Die ziektekostenverzekering mag een particuliere verzekering zijn, zoals jarenlang gebruikelijk was en dat door veel andere EU landen nog steeds wordt toegepast.

De negatieve gevolgen zijn ondermeer:

1.
De vrije keus, de hoeksteen van de Zorgverzekeringswet, is hen ontnomen. Zij dienen zich nu te melden bij een aangewezen arts in hun woonland. In Spanje betekent dat voor heel veel ouderen die de Spaanse taal niet machtig zijn, een inbreuk op hun privacy. De Spaanse arts eist in veel gevallen dat een tolk wordt meegenomen. Die Spaanse arts heeft geen beeld van hun ziekteverleden, daar deze mensen gebruik maakten van hun Nederlandse arts, die hun gegevens in het Nederlands bijhield. Die Spaanse arts heeft daar ook geen tijd voor, getuige de kop van een artikel in de krant “Información” van 24 augustus 2006 in haar katern Alicante, “Sanidad necesita 1167 médicos más para dedicar 10 minutos a cada paciente”, ofwel “De gezondheidsdienst heeft 1167 artsen meer nodig om aan iedere patient 10 minuten te kunnen besteden”. In haar advies van 26/8/2004 benadrukt de Raad van State ook het belang van de relatie tussen arts en patient. “In de gezondheidszorg gaat het uiteindelijk om de relatie arts-patiënt. Essentieel in die relatie zijn de medische professionaliteit (de juiste behandeling op het juiste moment voor de individuele patiënt) en het onderling vertrouwen (tussen die individuele patiënt en de arts)”.

2.
Indien een ziekenhuis nodig is wordt men verwezen naar de Staatsziekenhuizen. Het ziekenhuis in Denia is zo vol dat patiënten in de gangen liggen. In het ziekenhuis in Villajoyosa, bij Benidorm, is de zorg zo slecht dat huisgenoten of anderen dagelijks naar het ziekenhuis moeten om de patiënt te wassen en te voeden. Die situatie geldt overigens niet in heel Spanje. Spanje kent 17 “comunidades” die ieder een eigen beleid volgen. De comunidad Valencia, waaronder de Costa Blanca ressorteert staat bekend als het slechtste op dat gebied. Men kan geen gebruik meer maken van de privé-klinieken die wel een goede zorg bieden, zoals men dat altijd gewend was.

3.
De particuliere verzekeringen werden door de Nederlandse verzekeraars, gesteund door de I&A wet Zorgverzekeringswet, en masse opgezegd, of zoveel duurder gemaakt dat de mensen het niet meer konden betalen. Dat betekent niet alleen dat men geen Nederlandse arts meer heeft en geen gebruik kan maken van de privé-klinieken, maar ook dat men wordt beperkt in zijn vrijheid van bewegen. Binnen de EU kan men weliswaar reizen met de Europese kaart, maar buiten Europa kan men geen kant op. De leeftijd van deze groep mensen varieert van 65 tot soms diep in de negentig. Er is vrijwel geen verzekeringsmaatschappij te vinden die mensen van die leeftijd nog accepteert tegen redelijke voorwaarden, zeker niet als ze ook nog een behoorlijk ziekteverleden hebben.

4.
De risico-solidariteit is doorbroken. De gepensioneerden hebben tijdens hun werkzame leven altijd een premie betaald waarin een stuk solidariteit met de ouderen zat verwerkt. De Premie/Kosten verhouding voor de groep tot 65 jaar bedraagt ongeveer 1,4 en voor de groep boven 65 jaar 0,5. (Gegevens overgenomen uit een nota van minister Els Borst van VWS.) Dit betekent dus dat de jongere, werkende ongeveer 40% meer betaalt dan zijn kosten zijn en de oudere betaalt maar ongeveer de helft van zijn kosten. De reserve die aldus wordt opgebouwd tijdens zijn werkzame leven is de gepensioneerde die naar het buitenland vertrekt kwijt en verdwijnt in de zakken van de verzekeraars.

5.
In veel gevallen moet dubbel worden betaald. Er is een aantal EU landen waar de zorg wordt betaald uit de algemene middelen. Middels de belastingen betaalt de gepensioneerde daaraan mee. Bovendien wordt hij geacht zijn bijdrage aan het CVZ te betalen. Voorbeelden hiervan zijn o.m. Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Zweden. Het is wrang dat met een beroep op EU verordening 1408/71 dubbel moet worden betaald, terwijl de verordening juist is bedoeld om dubbele betaling te voorkomen. Oud ambassadeur Vijverberg, die aan het tot stand komen van de verordening heeft meegewerkt, noemt dat een pervers gebruik maken van de verordening.

6.
Sommigen betalen driedubbel. Vanwege de slechte staat van de zorg in Spanje hebben veel mensen, ook de Spanjaarden, veelal ook een particuliere verzekering, die dus bovenop de in punt 5. genoemde betalingen komt.

Wij hebben op vele manieren getracht deze nadelige gevolgen onder de aandacht van de minster van VWS en Kamerleden te brengen. Dat de minister en de Kamer het kennelijk niet begrijpen of om andere redenen daar niet op willen of kunnen ingaan blijkt uit onderstaand relaas.

a.
de minister van VWS is doof voor ieder redelijk argument. In tegendeel, hij schildert de betrokken gepensioneerden af als belastingontduikende zakkenvullers, die de gehele dag met een drankje aan de rand van hun zwembad zitten. De realiteit is een andere. Zeer vele Nederlandse gepensioneerden moeten rondkomen van een klein pensioentje en een AOW- uitkering. De meesten betalen gewoon hun belastingen hier in Spanje, hoewel er best een aantal zal zijn, die dat niet doet. Maar dat is in Nederland niet anders, ook daar wordt belasting ontdoken.
b.
De regeling die de minister heeft getroffen heeft tot doel inkomsten voor de Nederlandse Staat te genereren. Zij is meer dan kostendekkend of zoals de minister onlangs in een debat zei “Het overschot neigt nu naar neutraal”. Bovendien is zij strijdig met EU-verordening 1408/71 artikel 33. Slechts het bevoegd orgaan is gerechtigd bijdragen in te houden op de wettelijke pensioenen. CVZ is als bevoegd orgaan aangewezen, maar kan helemaal niets inhouden omdat zij niets uitbetaalt. Bovendien wordt er ingehouden over bedrijfspensioenen. Dat zijn geen wettelijke pensioenen. Het is in strijd met de verordening daarover inhoudingen te doen.
c.
De minister negeert een uitspraak van de kort geding rechter om geen bijdrage voor AWBZ-achtige voorzieningen in rekening te brengen als die niet worden gegeven in het woonland. In zijn laatste regeling met woonlandfactoren zijn er landen met een dergelijke hoge woonlandfactor dat van de aldaar wonende gepensioneerde Nederlanders wel degelijk een bijdrage aan de AWBZ-achtige voorzieningen wordt gevraagd, alhoewel die voorzieningen niet worden verstrekt.
d.
De regeling voor de woonlandfactoren is gebaseerd op de kosten voor een gemiddelde inwoner en niet op de kosten voor een gepensioneerde, daarmede worden de hoge kosten in Nederland, die vooral het gevolg zijn van de AWBZ-voorzieningen, voor de groep 65+ gemitigeerd en betaalt de geëmigreerde Nederlandse gepensioneerde het gelag. Bovendien wordt geen rekening gehouden met de risico-solidariteit, terwijl die wel in Nederland geldt. Zijn opgebouwde reserve is hem afgenomen. Een vorm van discriminatie.
e.
De minister weigert steevast de geëmigreerde Nederlander de vrije keus terug te geven die hem is ontnomen. Dit terwijl de vrije keus juist een hoeksteen is van de Zvw. Wederom een vorm van discriminatie.
f.
In zijn antwoorden op vragen van Mevrouw Schipper over een mogelijke opt-out gebruikt de minister de grootst mogelijke onzin argumenten om geen opt-out te hoeven toepassen. Zo zou dat volgens hem dan ook op de Nederlanders in Nederland van toepassing moeten zijn. Bovendien wijst hij op de mogelijkheid van “freerider”-gedrag. Onzin, de groep mensen waarom het hier gaat is per definitie ouder dan 65 jaar en die kunnen zich geen “freerider”-gedrag permitteren. De kans op noodzakelijke zorg is daarvoor veel te groot. De Tweede Kamer slikt het als zoete koek.
g.
De minister heeft de Tweede Kamer tenminste tweemaal verkeerd voorgelicht door te stellen dat hij door de EU-verordening zou zijn gedwongen de wet op die manier toe te passen. Later moest hij toegeven dat dit niet zo was. De Tweede Kamer liet deze politieke doodzonde gelaten over zich heen gaan. Het was politiek niet opportuun er iets aan te doen.
h.
De minister stelt bij ieder debat dat de organisatie bij het CVZ goed is geregeld. Het is echter nog steeds een puinhoop. Tot op de dag van vandaag worden brieven niet of verkeerd beantwoord, bij telefoongesprekken wordt geen goed antwoord of helemaal geen antwoord gegeven door de daartoe ingehuurde krachten die klaarblijkelijk geen kennis hebben van de materie. De inhouding op de bedrijfspensioenen is een organisatorisch monstrum. CVZ moet bewaken dat het te betalen maximum niet wordt overschreden. Een farce, zij zijn daartoe niet in staat. Dat betekent dat de gepensioneerde in eerste instantie teveel moet betalen en dat later terug moet claimen. Bovendien is zij in strijd met de EU-verordening. Ook hier treedt de Tweede Kamer niet op. Minister Verdonk wordt voor minder naar de Kamer teruggeroepen en met moties geconfronteerd over het handelen van de IND.
i.
De Tweede Kamer laat zich weinig gelegen liggen aan het lot van die ca. 100.000 Nederlanders in Europa. Mevrouw Schipper van de VVD en de heer Omtzigt van het CDA hebben in het debat met de minister hem zelfs gecomplimenteerd voor de goed aanpak van het probleem met de “buitenlanders”. Zij hebben er kennelijk geen notie van wat er speelt. Wel wordt er urenlang, zo niet dagenlang, gedebatteerd over het lot van één enkel kamerlid, Mevrouw Hirshi Ali. Dat zet hier heel veel kwaad bloed.

Het is echt onbegrijpelijk dat een land als Nederland, als enige in Europa, op deze manier over de rug van de gepensioneerde, geëmigreerde, Nederlander zijn begrotingstekort probeert te verminderen. Velen van hen zijn al 10, 20 jaar weg uit Nederland en hebben altijd goed hun eigen boontjes kunnen doppen. Soms wordt het verwijt gemaakt door de minister en de leiding van CVZ ( Hillen) dat die mensen van twee wallen willen eten. Een goed klimatologisch klimaat en goede zorg ten laste van Nederland. Ook wordt gezegd dat zij de consequentie van hun emigratie moeten overzien. Dat zal niemand ontkennen, zeker de betrokkenen niet. Zij kunnen echter niet voorzien dat vele jaren na hun vertrek zij alsnog met een dergelijke houding van de Nederlandse regering en in het bijzonder die van de minister van VWS worden geconfronteerd. De Wtz werd nog in 2002 aangepast zodat emigrerende gepensioneerden gebruik konden blijven maken van hun ziektekostenverzekering. Nauwelijks 3 jaar later werd deze wet opgeheven. Hoe kan men zich daar nu op voorbereiden? De overheid toont daarmee aan een onbetrouwbare overheid te zijn.

Artikel 69 van de ZvW is overbodig. Om gebruik te maken van zijn recht onder EU-verordening 1408/71 is dit artikel niet nodig. De enige conclusie moet zijn dat dit artikel in de wet is opgenomen om de gepensioneerde geëmigreerde Nederlander financieel te kunnen aanpakken.

De minister van VWS beroept zich herhaaldelijk openlijk op zijn geweldige prestaties (o.m. Nova 21/8). Wij zouden het wat betreft de gepensioneerde geëmigreerde Nederlander eerder een wanprestatie willen noemen. Het heeft alle kenmerken van een haastklus, slechte voorbereiding, slechte regelgeving en bijzondere slechte organisatie en uitvoering. Inmiddels heeft hij te kennen gegeven de politiek te willen verlaten. Dit en de komende verkiezingen bieden een goede mogelijkheid om aan enige reparatiewetgeving te doen. Het wordt tijd dat de overheid haar sociale gezicht laat zien. Het is toch bijzonder wrang dat de betrokken groep, oudere Nederlanders, naar de rechter toe moet om haar gelijk te verkrijgen. Wij doen daarom een dringend beroep op u de keuzevrijheid te herstellen en bovendien de te betalen bijdrage op een zodanige wijze vast te stellen dat recht wordt gedaan aan de uitspraak van de rechter en de risico-solidariteit. Geef de geëmigreerde gepensioneerde Nederlander zijn opgebouwde reserve terug.

Namens de Vereniging van Nederlandse Gepensioneerden in Spanje (VNGS)
C. van der Wiel, voorzitter